Uiteraard vertoont de Canarische keuken veel overeenkomst met de Spaanse. Er wordt dus veel gebruik gemaakt van olijfolie en niet te vergeten knoflook. Beroemde Canarische specialiteiten zijn:
Papas arrugadas: aardappelen die in de schil, met heel veel zout en weinig water zijn gekookt. De gerimpelde aardappelen worden bij veel maaltijden opgediend op een klein schaaltje, met daarnaast het onmisbare schaaltje geurige
mojo. Dat aardappelen in een zoutkorstje lekker kunnen zijn, zou bij toeval ontdekt zijn. Toen er eens geen zoet water voorradig was om de
papas te koken, nam men simpelweg zeewater.
Mojo: saus op basis van olie en azijn. De pikante smaak die de saus behoort te hebben, wordt veroorzaakt door de Spaanse pepertjes die erin worden vermalen. Zit er bovendien veel paprika in, dan in de saus rood en heet hij
mojo picón. Zit er veel peterselie in, dan is de kleur groen en heet de saus
mojo verde. Als er veel koriander is toegevoegd dan wordt gesproken van
mojo de cilantro.
Potaje Canario: groentesoep met stukjes vlees.
Potaje de berros: waterkerssoep, waar behalve waterkers ook witte bonen, aardappelen, spek, knoflook en komijn in zou moeten zitten.
Rancho Canaria: een minestronesoep verdikt met gofio.
Puchero Canario: een stoofschotel bestaande uit diverse soorten vlees, spek, chorizo, kikkererwten, aardappelen en tal van verse groenten waaronder bijvoorbeeld verschillende soorten pompoenen.
Puchero de las siete carnes: dit een stoofschotel met zeven verschillende soorten vlees. Er zit varken, kalf, rund, konijn, kip, patrijs en duif in verwerkt. Dit gerecht verschijnt nogal eens als hoofdschotel op een feesttafel.